Dit vijfde deel in de Acanthv-reeks bevat drie studies over afzonderlijke bundels uit Ida Gerhardts vroege werk, die top op heden nog geen aparte aandacht hebben gekregen. Het toeval wil dat het drie genrebundels zijn: een bundel kwatrijnen, een bundel sonnetten en een bundel van naar aard en omvang kleine gedichten, die ik met een door GUIDO GEZELLE geijkt woord Gerhardts kleengedichtjes wil noemen.