Reisverhalen over Aziatische boeddhistische landen, met achtergronden en geschiedenis, beschrijvingen van prachtige mensen én landschappen, verteld met humor, nieuwsgierigheid en compassie.
Gefascineerd door alles wat ver en boeddhistisch is, reist Inge van Sombrië naar Tibet. Haar dagboek puilt uit van de onvergetelijke indrukken: monniken, kloosters, yakboterthee, de geur van boterkaarsjes en wierook – het vreemde land versiert haar volledig. Het blijkt geen eenmalige vakantieliefde te zijn. Na een tweede keer Tibet volgen reizen naar Bhutan en Ladakh, ook hoog in de Himalaya. Later komen daar nog het onbekende oosten van Tibet, Nepal, Myanmar en Sri Lanka bij. Dit is een boek vol reisverhalen, achtergronden, geschiedenis, ontroering en humor. De prachtige kloosters, de overweldigende leegte van het landschap, het contact met zowel monniken als de lokale bevolking – alles wordt gedetailleerd beschreven. Wat een compleet andere wereld.